Affiches van de Rotterdamse Schouwburg (1791-1887)

In 1773 werd aan de Coolsingel de eerste echte schouwburg van Rotterdam opgericht. Het was een plek van divers vermaak: toneel, muziek en opera, maar ook goochelshows, acrobatiek en zelfs ijsschaatsen. De ruim 9000 affiches uit deze collectie geven een bijzonder beeld van wat er allemaal op het podium van de Rotterdamse Schouwburg te zien was tussen 1791 en 1887.

Introductie

De Rotterdamse Schouwburg aan de Coolsingel, ca. 1774
De Rotterdamse Schouwburg aan de Coolsingel, 1774-1777. Collectie 4080, nummer RI-1148

Introductie

Toneel en muziek zijn oeroude vormen van vermaak. Ook al waren het gevestigde kunstuitingen, een officiële schouwburg met professionele spelers was in Nederland lange tijd alleen te vinden in Amsterdam. Pas in de 18e eeuw werden ook in het zuiden van de provincie Holland schouwburgen gebouwd, in Den Haag en Leiden. In 1773 verrees aan de Coolsingel de eerste echte schouwburg van Rotterdam. Het pand werd in 1853 verbouwd, maar in 1886 alweer gesloopt toen in de Aart van Nesstraat de Nieuwe Groote Schouwburg werd opgericht. 

In deze collectie zijn zo’n 9.000 Rotterdamse schouwburgaffiches te zien uit 1791-1887, de bloeiperiode van de eerste schouwburg van de Maasstad. Alle affiches zijn afkomstig uit het archief van de Rotterdamse Schouwburg-Vereniging. De affiches zijn niet alleen typografisch erg interessant, ze geven ook een goed beeld van de 19e-eeuwse cultureel-maatschappelijke ontwikkelingen in Nederland in het algemeen en Rotterdam in het bijzonder.

De Rotterdamse schouwburg in de 19e eeuw

Ook in de 19e eeuw was het schouwburgaanbod onderhevig aan trends. Verschillende theatergenres raakten in én uit de mode. De Rotterdamse Schouwburg opende haar deuren aan het einde van de 18e eeuw, een periode waarin de westerse cultuur in de ban was van de Romantiek. Muziek werd vanwege zijn emotionele lading door schrijvers verheerlijkt, componisten en musici raakten op hun beurt juist geïnspireerd door de grote thema’s uit de literatuur. Deze kruisbestuiving leidde tot een bloei van de opera, een totaalkunstwerk, tot stand gebracht door zingende acteurs, professionele musici en technici.

Naast de grote opera kwam er langzaamaan ook een lichtvoetiger theatergenre tot bloei: de opéra comique. Deze was minder streng van opzet en had een levendiger afwisseling van zang en dialoog. Met name onder de modieuze hogere middenklasse, die zich door inkomsten uit handel en industrie een schouwburgbezoek kon veroorloven, werd dit genre populair: het was licht verteerbaar. Voorstellingen werden door technische innovaties (zoals de toepassing van gaslicht en spiegels) visueel steeds aantrekkelijker. Technici waren in staat het toneel heel gericht te belichten, en illusies (zoals spookverschijningen) te creëren. Vooral goochelaars maakten van deze laatste nieuwigheid dankbaar gebruik.

Rond 1870 was de Schouwburg van een tempel van het sentiment veranderd in een amusementspaleis met toneel, dans, muziek en goochelarij. In 1877 werd het zware ‘Tannhäuser’ van Richard Wagner eenvoudig geprogrammeerd tussen optredens met actuele thema’s zoals ‘De Darwinisten’ en een laagdrempelig visueel spektakel als ‘Een Drama op den Bodem van den Zee’.

De Rotterdamse Schouwburg aan de Coolsingel in 1880.
De Rotterdamse Schouwburg aan de Coolsingel in 1880. Aan de gevel hangen o.a. affiches voor de voorstelling Tabarin. Fotograaf onbekend. Collectie 4187, nummer XXXIII-51.

Over de collectie affiches

Affiche voor de voorstelling Jonker Frans van Brederode in 1876.
Affiche voor de voorstelling Jonker Frans van Brederode, 9 en 11 april 1876. Collectie 4066, nummer 7230.

De collectie Schouwburgaffiches is een onderdeel van het Archief van de Rotterdamse Schouwburg-Vereniging (1851-1888). Het archief werd na het stoppen van de vereniging aan het Stadsarchief Rotterdam geschonken.

De kleurrijke ‘letteraffiches’ zijn niet alleen interessant voor theaterhistorici, maar ook voor genealogen. Op de affiches worden veel acteurs genoemd die onderling verwant waren. Soms passeert er een nu nog bekende naam zoals actrices Sarah Bernhardt (nog als kind vermeld) of Catharina Beersmans. Kunsthistorici en vormgevers kunnen aan de hand van de affiches grafische ontwikkelingen bijna van dag tot dag volgen. Er is te zien hoe handgeverfde, op lompenpapier met loodzetsel gedrukte aanplakbiljetten langzaam plaats maken voor affiches van lichter en brozer papier met een groter formaat, bedrukt met houten letters en soms voorzien van mooie lithografieën, houtsneden en -gravures. Opvallend is het veelvuldig gebruik van ‘Western’ lettertypes, die in de 20e eeuw (vooral in de jaren 70) opnieuw erg populair zouden worden.

De collectie is gebaseerd op een 19e-eeuws handschrift, uitgewerkt in een reeks schoolschriften. De titels in deze schriften – vaak in het Frans, Duits en Engels - zijn soms voorzien van aanvullende mededelingen over voorstellingen, zoals meldingen van het gefluit en gejoel van het publiek. De collectie bevat in totaal zo’n 9.000 affiches, gedrukt tussen 5 november 1791 en 4 september 1887. Omdat er vaak meerdere voorstellingen per dag werden gegeven, loopt het aantal voorstellingstitels en mededelingen op tot zo’n 15000 stuks. 

Naast de affiches zelf (die een enkele keer dubbel voorkomen) zijn ook de ‘stroken’ die aan de affiches werden gehecht opgenomen. Op de stroken staan mededelingen - soms zelfs handgeschreven - over bijvoorbeeld de verhindering van een acteur wegens een ‘plotselinge ongesteldheid’, of de annulering van een voorstelling wegens het overlijden van de koning óf het barre weer. Soms werd aan een affiche een mededeling gehecht die bedoeld was voor voorstellingen op een later tijdstip. Als een voorstelling geannuleerd werd, staat bij de beschrijving van het affiche de mededeling ‘geen voorstelling’.

De Schouwburgaffiches zijn in 2008-2009 gedigitaliseerd binnen het project Geheugen van Nederland, en daarna op de bijbehorende website geplaatst. Ze waren echter niet te zien op de website van het stadsarchief zelf. Omdat de website Geheugen van Nederland eind 2026 stopt, is de collectie alsnog via de stadsarchiefbeeldbank toegankelijk gemaakt. De oorspronkelijke tekst is geschreven door Walter Berentsen & Guus van Breugel.

Gezien de periode waaruit de affiches afkomstig zijn, is het mogelijk dat op de affiches en in de beschrijvingen woorden kunnen voorkomen die tegenwoordig als kwetsend of ongepast worden ervaren.

Toneelbibliotheek: unieke verzameling toneelteksten

Behalve de affiches is ook de toneelbibliotheek van de Rotterdamse Schouwburg digitaal beschikbaar. Dit is een belangrijke en unieke collectie. Het betreft een verzameling toneelteksten bijeen gebracht door Haagse acteurs in 1874 onder directie van Antoine le Gras gingen werken en regelmatig in Rotterdam speelden. De collectie is voortgezet door hun opvolgers, tot deze in 1925 werd overgedragen. Het oudste boekje is een vaudeville (een vorm van amusementstheater) uit 1824.

Per toneelstuk zijn vaak tekstboekjes, soufleursboekjes, rollenboeken en regieboekjes bewaard. Het hart van de collectie vormen de regieboekjes, die door de daarin opgenomen aanwijzingen een beeld geven van hoe de voorstellingen gespeeld dienden te worden. Naast enkele tientallen verspreid bewaard gebleven regieboekjes bij het voormalige Theater Instituut Nederland (TIN) (nu Allard Pierson), vormt de Rotterdamse collectie de enige serie vooroorlogse regieboekjes in Nederland. Bij vergelijking is gebleken dat er nauwelijks of geen overlap met de TIN-collectie bestaat. De regieboekjes geven een uniek beeld van de uitvoering van toneelstukken in de 19e en vroege 20e eeuw in Nederland.

De scans van de toneelbibliotheek zijn hier te bekijken.
 

De Groote Schouwburg aan de Aert van Nesstraat, ca. 1890.
De Groote Schouwburg aan de Aert van Nesstraat, ca. 1890. Aan de gevel hangen affiches. Fotograaf onbekend. Collectie 4187, nummer XXIII-60.